De ouders

6.1 Het belang van de betrokkenheid van ouders

Voor het goede verloop van het onderwijs aan uw kind is uw betrokkenheid van groot belang. Het is goed wanneer u regelmatig aan uw kind vraagt wat er op school gedaan wordt, hoe dat het gaat en of er huiswerk gemaakt moet worden. Wij stellen het op prijs als u thuis met uw kind napraat over de vertelling uit de Bijbel of helpt bij het leren van de Psalm of Kort Begrip.

De betrokkenheid van ouders komt mede tot uitdrukking in het verlenen van hulp aan de school bij het onderhoud, schoonmaken en repareren van het schoolmateriaal, de begeleiding van excursies, spelletjesmorgens en bij de door de leerkracht, met toestemming van de directeur van de school, te bepalen lessen.

 

Oudermorgens (groep 1 en 2)

In groep 1 en 2 worden de ouders uitgenodigd om een aantal lessen bij te wonen, zodat u een indruk krijgt, hoe het er in de kleutergroepen aan toe gaat.

 

6.2 Informatievoorziening aan ouders over onderwijs en school

Voor de ouders/verzorgers van de leerlingen wordt er in de tweede of derde schoolweek een informatieavond belegd. Dan zal de groepsleerkracht uitleg geven over de gang van zaken in de desbetreffende groep. Daarnaast zijn er vijf contactavonden gepland om u te laten informeren over uw kind.

Ook wordt er elk jaar een ouderavond gehouden over een principieel, een pedagogisch of een onderwijskundig onderwerp.

Twee maal per jaar ontvangt u een schoolkrant. Naast algemene en bezinnende informatie, geven leerlingen hierin een beeld van het werk wat ze op school doen. Voor het doorgeven van berichten vanuit school, ontvangt u in de eerste week van iedere nieuwe schoolmaand een nieuwsbrief

 

6.3 Lidmaatschap vereniging

Personen die lid willen worden van de schoolvereniging en daarbij aangeven de grondslag en doelstelling van de vereniging onderschrijven, zoals verwoord in de statuten, kunnen zich, ook via school, opgeven bij de secretaris van het bestuur. Op de jaarlijkse ledenvergadering legt het bestuur verantwoording af over het gevoerde beleid aan de leden van de schoolvereniging.

6.4 Medezeggenschapsraad

Aan de school is een medezeggenschapsraad verbonden. Deze raad, die samengesteld is uit drie ouders en drie leerkrachten, geeft aan directie en personeel advies over een aantal in het reglement vastgelegde, schoolse zaken.

De gemeenschappelijke medezeggenschapsraad daarentegen is een raad die elk van de vijf scholen van de schoolvereniging vertegenwoordigt middels een leerkracht en een ouder en het bestuur adviseert over bovenschoolse en bestuurlijke zaken. De statuten en het daarbij behorende reglement kunt u, indien gewenst, opvragen bij de desbetreffende secretariaats- adressen.

 

6.5 Tussenschoolse opvang

De school biedt, voor die leerlingen die buiten een straal van 2 kilometer vanaf school wonen en redelijkerwijs tussen de middag niet heen en weer van school naar huis en omgekeerd kunnen, de mogelijkheid om in de middagpauze over te blijven. Tijdens de tussenschoolse opvang is er begeleiding en toezicht van een groepsleerkracht van 12.00 uur tot 13.00 uur. Vanzelfsprekend is het voor uw kind het meest ideaal als het tussen de middag thuis kan eten. Mocht dit echter niet kunnen, terwijl u toch binnen redelijke afstand van school woont, dan wordt er voor deze tussenschoolse opvang een bijdrage per keer gevraagd. Eerste kind € 2,50, tweede kind € 2,00 , derde kind € 1,00 en de volgende kinderen uit het gezin gratis. Hierbij zij opgemerkt dat het bevoegd gezag in dezen geen verzekering tegen wettelijke aansprakelijkheid heeft afgesloten. De uitgebreide regeling over tussenschoolse opvang kunt u opvragen bij de directeur.

 

6.6a Klachtenregeling

Voor de scholen is een klachtenregeling opgesteld. Deze kunt u opvragen bij de directeur dan wel raadplegen op de website.

Klachten moeten op een juiste wijze behandeld worden. Wij vinden in de Bijbel richtlijnen voor het afhandelen van klachten en wel in Mattheüs 18. Elke klacht dient in de eerste plaats met de aangeklaagde besproken te worden.

Hoewel het de klager vrijstaat om naar eigen keuze het bevoegd gezag, de directeur of de vertrouwenspersoon te benaderen, ligt het voor de hand dat klachten op onderwijskundig terrein bij de directeur aan de orde gesteld worden en klachten op bestuurlijk terrein bij het bevoegd gezag.

In eerste instantie worden klachten langs deze weg afgehandeld. Leidt ook dit overleg niet tot resultaat of overeenstemming, dan staat de weg naar de onafhankelijke klachtencommissie open. Het indienen van een klacht bij de klachtencommissie verloopt via de vertrouwenspersoon, de directeur of het bevoegd gezag.

 

Het indienen van een klacht

Een door de directeur, de vertrouwenspersoon of het bevoegd gezag ontvangen klacht wordt in principe door hen afgehandeld. Indien de klager dit terstond wenst of in de loop van de afhandeling de wens te kennen geeft, wordt de klacht doorgestuurd naar de klachtencommissie. Ouders kunnen ook zelf rechtstreeks klachten indienen bij de klachtencommissie. Ook indien de klacht naar het oordeel van de directeur, de vertrouwenspersoon of het bevoegd gezag betrekking heeft op een vermoeden van schuld aan enig strafbaar feit wordt de klacht doorgezonden naar de klachtencommissie. Het doorzenden van de klacht geschiedt binnen uiterlijk twee weken na het indienen of het blijk geven van de wens de klacht door te zenden.

 

Interne en externe vertrouwenspersoon

Indien het niet mogelijk is de klacht met de betrokkenen te bespreken, dan kunt u zich tot de interne vertrouwenspersoon wenden. De interne vertrouwenspersoon werkt binnen de school. U en/of uw kind kan bij deze persoon terecht voor vragen of klachten op het gebied van machtsmisbruik, pesten, seksuele intimidatie, etc. Indien het interne traject geen oplossing biedt, dan kan de klacht via de interne vertrouwenspersoon worden doorgespeeld naar de externe vertrouwenspersoon. Deze zal de klacht met u bespreken waarbij gekeken wordt of hij/zij de klacht probeert op te lossen of de klacht doorstuurt naar de klachtencommissie. De externe vertrouwenspersoon heeft een brugfunctie tussen u en de school en/of tussen u en de klachtencommissie.

 

Klachtencommissie

Onze school is aangesloten bij de door de Vereniging voor Gereformeerd Schoolonderwijs ingestelde klachtencommissie, die is ondergebracht bij de stichting Geschillencommissies Bijzonder Onderwijs (GCBO), een samenwerkingsverband van geschillencommissies in het bijzonder onderwijs. GCBO doet de administratieve afwikkeling van een klacht, en ook kunt u daar met uw vragen terecht bij een mogelijke klacht. U kunt uw klacht indienen door een brief of een mail te sturen naar GCBO. Bij het in behandeling nemen van uw klacht gebruikt GCBO een vragenformulier, dat is te downloaden op de site van GCBO. Dit dient ter ondersteuning van de door u zelf opgestelde klachtbrief, en die kunt u dus gelijk meesturen. De contactgegevens vindt u bij het overzicht 'Adressen' in de schoolgids.

 

Klachtenregeling

De vertrouwenspersoon, de directeur, het bevoegd gezag en de klachtencommissie doen hun werk binnen de kaders van een klachtenregeling. De volledige klachtenregeling kunt u op school opvragen of inzien op de website

 

Strafbaar feit

Indien de klacht betrekking heeft op een zedenmisdrijf, dan heeft het bevoegd gezag, op grond van een schriftelijk oordeel over de klacht door de klachtencommissie en in overleg met de vertrouwensinspecteur de plicht aangifte daarvan te doen bij een opsporingsambtenaar. Aan de onderwijsinspecteur wordt gemeld dat aangifte gedaan is.

 

6.6b Schorsing en Verwijdering van leerlingen

Wanneer er problemen ontstaan, kan overgegaan worden tot schorsing en/of verwijdering van een leerling.

Onder problemen kan onder andere worden verstaan een zodanige wangedrag van een leerling, dat daardoor de rust of de veiligheid op de school ernstig wordt verstoord of het systematisch overtreden door de leerling en/of diens ouders van de in de school geldende en aan de ouders en de leerlingen kenbaar gemaakte gedragsregels. Bij het niet naleven van een en ander kan het bevoegd gezag overgaan tot schorsing of zelfs verwijdering. Onder ouders wordt tevens verstaan verzorgers of voogden.

 

Schorsing

Een leerling kan met opgave van redenen ten hoogste één week geschorst worden. Een schorsingsbesluit moet schriftelijk aan de ouders worden bekend gemaakt. Wanneer de schorsing langer dan één dag duurt, dient ook de Onderwijsinspectie schriftelijk en met opgave van redenen geïnformeerd te worden.

 

Verwijdering

Wanneer door de ouders of verzorgers van de leerlingen, of door de leerlingen de in de school geldende (fatsoens)regels/omgangsvormen systematisch worden overtreden, kan het bevoegd gezag de leerling van school verwijderen. Een andere reden voor verwijderen is, wanneer de school van mening is dat de leerling beter thuis is op een school voor speciaal onderwijs.

Voordat tot verwijdering wordt overgegaan zal het bevoegd gezag echter eerst de ouders of verzorgers, de leerling en de betrokken groepsleerkracht horen.

Indien toch tot verwijdering wordt overgegaan, zal het bevoegd gezag de leerplichtambtenaar direct inlichten over het besluit. Het bevoegd gezag zal altijd haar besluit met redenen omkleden.

 

Definitieve verwijdering van school is pas mogelijk nadat het schoolbestuur ervoor heeft zorg gedragen dat een andere school bereid is de leerling toe te laten.

 

Ouders kunnen een besluit tot verwijdering aankaarten bij de Geschillencommissie Passend Onderwijs, die ressorteert onder de Stichting Onderwijsgeschillen

(www.onderwijsgeschillen.nl). Deze commissie brengt dan binnen 10 weken een oordeel uit over de beslissing tot verwijdering.

Wanneer de ouders ook bij het schoolbestuur bezwaar hebben gemaakt tegen de verwijdering, dient het schoolbestuur het oordeel van de commissie af te wachten voordat er op het bezwaar besloten wordt. Het oordeel van de commissie is niet bindend.

Het schoolbestuur moet zowel aan de ouders als aan de commissie aangeven wat het met het oordeel van de commissie doet.

Als het schoolbestuur van het oordeel afwijkt, moet de reden van die afwijking in de beslissing vermeld worden.

Vervolgens kunnen ouders zich tot de rechter wenden. Voor het bijzondere onderwijs is dat de civiele rechter. Bij de rechter kan ook een spoedprocedure worden gestart om verwijdering (voorlopig) te voorkomen.

 

6.7 Ouderbijdragen en sponsorgelden

De overheid geeft de school de mogelijkheid aan de ouders van toegelaten leerlingen een vrijwillige ouderbijdrage te vragen. De bijdrage wordt gevraagd voor activiteiten die niet tot het gewone lesprogramma behoren en die dus niet door het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen worden betaald. In onze situatie heeft de ouderbijdrage betrekking op: gymkleding (groep 3 t/m 8), schoolreisje (groep 6,7,8), excursies, spelactiviteiten, bosdagen en mogelijke consumpties (groep 1 t/m 8). De bijdrage is voor dit jaar vastgesteld op € 15,-. Aan het begin van het schooljaar ontvangt u een brief waarin u om de bijdrage wordt gevraagd en waarin de toelichting op de bijdrage staat uitgewerkt.

Tot op heden is op onze school geen gebruik gemaakt van financiering door sponsors

6.8 Wettelijke aansprakelijkheid

De regels met betrekking tot wettelijke aansprakelijkheid, opgenomen in het Burgerlijk Wetboek, bepalen dat het schoolbestuur en/of het personeel niet zonder meer aansprakelijk is/zijn voor hetgeen de kinderen doen of overkomt tijdens schooltijd. De ouders van kinderen tot 14 jaar zijn nu, ook in geval het voorval zich binnen schooltijd voordoet, aansprakelijk voor de door hun kinderen aan anderen toegebrachte schade. Dit wordt de zogenaamde risico -aansprakelijkheid genoemd. De ouders kunnen slechts de leerkracht en/of schoolbestuur aanspreken wanneer zij kunnen bewijzen dat de leerkracht en of het schoolbestuur in de uitoefening van toezicht (verwijtbaar) is tekortgeschoten.

 

6.9 Verkeersouder

De verkeersouder vormt de brug tussen ouders, school en derden, wanneer het gaat om de verkeersveiligheid van kinderen. Hij/zij maakt zich sterk voor verkeersveiligheid van de scholieren in het algemeen en de verkeersveiligheid van de leerlingen van de school in het bijzonder.

 

6.10 Voor- en naschoolse opvang

De Overheid heeft de school opgedragen om een voorziening te treffen voor voor- en/of naschoolse opvang als ouder(s)/verzorger(s) daarom vragen. De school kan daarbij de hulp- vragen en taken overdragen aan een daarvoor gecertificeerde instelling of organisatie.

 

 

6.11 Opname beeldmateriaal

In de schoolpraktijk komt het voor dat er videobeelden of foto’s gemaakt worden van leerlingen. Met de gemaakte opnames, die we plaatsen in schoolkrant, schoolgids op de website of die eventueel door een stagiaire gebruikt worden voor haar/zijn studie, zullen we op integere wijze omgaan. Mocht u hier bezwaar tegen hebben, dan kunt u dit melden bij de directeur.

307